Judith Ploegman aan het hoofd van jeugdcolonne die babyboomers wil verjagen

‘Er wordt nu beleid gemaakt voor onze toekomst’

Judith Ploegman uit Daalerveen, een vat vol tegenstrijdigheden, moet de jongeren een mond geven over een eigen toekomst. “Gewoon door je smoel open te trekken.” De vrouw aan de macht in het vakbondswereldje. Agnes Jongerius is de baas van de FNV, Mei Li Vos was voorzitter van het AVV, Alternatief Voor Vakbond, maar haar charmes en kennis werden snel door de PvdA ingepikt (voor de komende verkiezingen staat ze op een verkiesbare plaats) en Judith Ploegman uit Daarlerveen (30) is sinds 1 januari van dit jaar voorzitter van FNV Jong. En ze zit in de SER, het machtigste adviesorgaan in dit land. Heel vroeger was het leven niet zo ingewikkeld. De arbeiders hadden zich bevrijd van de allesbeslissende en uitbuitende werkgevers. Het lidmaatschap van de bond ging automatisch door van vader op zoon. Maar de laatste decennia begint de klad er in te komen. Vakbonden hebben het moeilijk om vrouwen en jongeren aan te spreken. De FNV kent wel een vrouwenbond, maar dat stelt weinig voor. Er wordt al jaren gesproken over mogelijkheden om jongeren te binden. Het leidde er toe dat vanaf dit jaar een heuse vakbond is opgezet, maar ook weer niet. Want alle mensen tot 35 jaar die lid zijn van een FNV-bond zijn automatisch lid geworden van FNV Jong. Het levert een club op die een kwart miljoen leden telt, zonder de zorg, tijd en energie die het zou kosten om een nieuwe bond op te richten en te onderhouden. “Er is bewust voor deze manier gekozen. We denken dat we nu meer mogelijkheden hebben om zaken binnen de bonden ten gunste van jongeren te veranderen. Dat gaat beter met een bestaand netwerk.”

Museumplein

De Museumplein-demonstratie van oktober 2004 heeft nogal wat teweeggebracht in het vakbondswereldje. De bonden waren hun automatische machtspositie langzaam maar zeker kwijtgeraakt. Ondernemers vroegen zich hardop af waarom ze met de bonden moesten overleggen; die vertegenwoordigden toch alleen maar de ouderen, werklozen en arbeidsongeschikten. Het lukte de bonden om honderdduizenden mensen op de been te krijgen. Het was ook meteen het laatste kunstje van de heren Terpstra en De Waal die wat anders gingen doen. Het maakte de weg vrij voor nieuwe gedachten, nieuwe mensen.
‘Als er niet naar mij geluisterd wordt, dan zijn er manieren om dat af te dwingen’
Zo ontstond Alternatief Voor Vakbond en FNV Jong, het antwoord op de yuppenbond: “Jongeren van met name AbvaKabo waren ontevreden over hun rol binnen de vakbond.” De mannen gaan voor loon, lease-auto’s en goede afspraken bij ziekte. En willen weinig weten van bijvoorbeeld kinderopvang, levensloop en parttime werken. Tijdens het congres in mei 2005 is met grote meerderheid besloten dat er specifieke aandacht zou moeten komen voor jongerenonderwerpen en de rol van jongeren in beleid. FNV Jong was geboren. De benoeming van Ploegman gebeurde heel modern via internet waar ze bijna 40% van de stemmen kreeg.

SER

Ploegman was weliswaar geen lid van een FNV-bond, maar geen onbekende in het wereldje als oud-voorzitter van de studentenvakbond van de Vrije Universiteit (waar ze filosofie studeert). Later werkte ze bij de LSVb, de landelijke studentenvakbond. “Je moet mensen de ruimte geven om zichzelf te ontwikkelen, maar ook om nieuwe vormen van organisatie te ontwikkelen, om innovatieve ideeën te laten ontstaan. Daar hadden ze bij de LSVb moeite mee, maar ook bij de FNV. Het leek mij heel tof om me daar tegenaan te bemoeien.” Dankzij haar benoeming kwam ze in het voorjaar ook in de SER, een bastion dat ze ‘te blank, mannelijk en middelbaar’ noemde tegen het ANP na haar eerste vergadering. “De paradox is dat wij nu maatregelen en besluiten nemen bijvoorbeeld over de verzorgingsstaat die onze toekomst betreft, vernieuwingen van het land waar wij in leven, zonder dat wij daar veel invloed in hebben, zonder dat wij daarover mee kunnen praten.” De hamvraag is of een man als Wientjes geïnteresseerd is naar de mening van een 30-jarige gesjeesde filosofiestudente (“ik zit in het vijfde jaar, maar wil de studie wel afmaken”). “Ik heb zinnige dingen te zeggen, ondanks dat mijnheer Wientjes veel meer ervaring heeft dan ik. En als er niet naar mij geluisterd wordt, dan zijn er manieren om dat af te dwingen.” We hebben nog niet van slaande deuren gehoord of over stampvoetende vergaderaars.

Wat wil ze?

Vergaderingen van bondsraden, verbondsraden en bondsbesturen blinken uit in saaiheid. Om vakbondsbestuurder te worden, hoefde je eigenlijk alleen maar gekozen te worden. Competenties waren onderschikt. Dus moest je als kandidaat-bestuurder zorgen dat je voldoende leden achter je had. Het leverde veel vakbondsbestuurders op die vooral druk waren met eigen inkomen en lease-auto en weinig kennis van zaken hadden. De bonden dreven inhoudelijk vooral op dure ingehuurde beleidsmedewerkers. “Wij willen de vergaderstructuur omzeilen, niet lullen maar gewoon doen. Ook de SER-vergaderingen zijn saai en formeel, maar je hebt wel de mogelijkheid om in een heel vroeg stadium beleid ten gunste van jongeren te beïnvloeden. Aan een advies gaat een hele overlegstructuur vooraf. Veel mensen en organisaties komen pas in beweging als zo’n advies er ligt, maar dat is veel te laat. Wij willen het SER-werk transparanter maken.” In de komende periode wil ze dat er naar nieuwe vormen van werken, nieuwe vormen op de arbeidsmarkt minimaal gekeken is. “Een nieuwe vorm van werken zijn flex-werkers en zelfstandigen.”

Jeugdwerkloosheid

Dat laatste is gepikt van de AVV, de club van Mei Li Vos die vooral aandacht trok door zich tegen het FNV te keren. Afgemeten: “Wij zijn geen concurrenten. Zij trappen tegen de gevestigde orde om op die manier veranderingen af te dwingen.” Het is een publiek geheim dat Vos en Ploegman elkaar niet graag mogen. “Zij praten vooral over kansrijke mensen. Hun voorstellen zijn soms gewoon slecht voor kansarmen.” Van Vos zal Ploegman geen last meer hebben als die in de kamerbankjes verdwijnt. Zelf zegt ze geen interesse in een politieke loopbaan te hebben. “Het schijnt een soort vanzelfsprekendheid te zijn dat je van vakbond naar politiek gaat, maar ik heb het erg naar mijn zin binnen de vakbeweging. En ik ben ook niet zo’n vreselijke fan van de politiek. We hebben contact met politieke partijen over jongerenonderwerpen, zoals de jeugdwerkeloosheid. Dat is één van onze speerpunten dit jaar.” Ploegman is ook geen lid van een partij, ze stemt “waarschijnlijk SP of GroenLinks.”
‘ Ik heb tijdens mijn studententijd altijd gewerkt. Ik heb afgewassen, ben kok geweest’
Voor 2007 staan de jeugdwerkloosheid, stageplekken bij bedrijven en de uitval van allochtone jongeren met hoofdletters op de agenda van FNV Jong. Met alle respect, toch traditionele onderwerpen voor de vakbond. “Het is echt een heel groot probleem en het wordt ontzettend onderschat. Minister De Geus zegt dat de jeugdwerkloosheid daalt, maar onder allochtone jongeren stijgt het. In die groep is de werkloosheid gestegen tot boven de 40%, dat is meer dan één op de drie mensen.”

Smoel

Voor de mensen die weinig vertrouwen hebben in een dertigjarige filosofiestudente het volgende. “Ik heb tijdens mijn studententijd altijd gewerkt. Ik heb afgewassen, ben kok geweest.” Ze komt uit een christelijk gezin met zeven kinderen. Pa was een hardwerkende timmerman die zijn kinderen op zondag twee keer meenam naar de kerk. Daar heeft ze zich tot woede van haar ouders tegen afgezet. “Ik was niet één van de makkelijkste pubers, ik was een flinke relschopper.” Met 19 jaar ging ze min of meer gedwongen het huis uit, op kamers in Almelo. “Het was tijd om op mezelf te gaan wonen, mijn eigen boontjes doppen.” Onlangs poseerde ze wel heel uitdagend in een gescheurd T-shirt in Volkskrant Magazine. Judith Ploegman, een vat vol tegenstrijdigheden, moet de jongeren een mond geven over een eigen toekomst. “Gewoon door je smoel open te trekken.”

Escape om te sluiten