Ivo de Lange opent een vestiging in Hardenberg en wellicht in Deventer

‘ Ik weet wat mensen mooi vinden’

Ivo de Lange van de Zwolse kunstuitleen IQ. Hij opent een vestiging in Hardenberg en wellicht in Deventer. “Ik doe meer voor de kunst en de kunstenaars dan al die zogenaamde kenners en liefhebbers.” Een kunstuitleen is meestal een armetierige manier van de overheid om ingekochte kunst op een nette manier weer kwijt te raken. Er moet geld bij. Altijd? Nee, in Zwolle verdient Ivo de Lange (56) met acht medewerkers een keurige boterham aan kunstuitleen (hedendaagse kunst) voor particulieren en bedrijven. En hij gaat in Hardenberg op 1 april een tweede vestiging openen. Herman Brood woonde bij hem vroeger achter in Zwolle en in zijn slipstream is De Lange redelijk bekend geworden. Samen brachten ze een jaar of twintig geleden grafiek uit. “Maar je kunt niet de kost verdienen met kunst van één kunstenaar.” De Lange benadrukt dat hij geen kunstgeschiedenis heeft gestudeerd, maar wel gevoel heeft bij kunst. “En ik heb natuurlijk mensen om me heen die wel veel verstand van kunst hebben.” Overigens zijn er volgens De Lange maar heel weinig mensen die echt verstand van kunst hebben. “Een paar museumdirecteuren en, misschien de beste van allemaal, Geert Jan Jansen.” De meestervervalser? “Dat is een heel verkeerd beeld van hem, die man kan zich inleven in een Myro, in een Picasso. Jansen maakt kunst in de stijl van de grootheden uit het verleden zoals Mondriaan en Appel.” De Lange is zelf verre van een kunstminnaar, niet iemand die minutenlang dromerig naar een kunstwerk kijkt. Het is handel, zoals zijn horecazaken in Zwolle (Old Inn, Urbana) waar plezier en drank werden verkocht. Of zijn luxe schoenenzaken. Zijn intrede in de kunstwereld was met een galerie (IQ, de afkorting is geen toeval want de galerie was van Ivo en zijn vriend Arie Quax) in Amsterdam “die voor geen meter liep, ik reed drie keer per week naar Amsterdam, naar de Haarlemmerstraat om in een lege zaak te gaan staan.”

Anton Heyboer

Het allerbelangrijkste van Ivo de Lange is zijn marketinggevoel. ”Ik geef jaarlijks 120.000 euro aan reclame uit en dat is eigenlijk vijf keer te veel voor de omvang van mijn zaak.” Niet alleen was er zijn relatie met Brood, ook haalde hij Anton Heyboer met zijn bruiden naar Zwolle en hij verkocht kunst via de Wehkamp-gids. Over die afschuwelijke actie (in de ogen van veel zelfbenoemde kunstkenners) wordt nog steeds gesproken. Ze moeten zich voorbereiden op het ergste, want De Lange loopt op dat vlak met nieuwe ideeën rond. Maar zijn laatste stunt was verre van goedkoop. In de IJsselhal in Zwolle zette hij IQ Experience op. Een ruim twee ton kostend kunstfestival op een totaal andere leest geschoeid dan gebruikelijk. “Ik heb geen beurs georganiseerd waar ik galeries uitnodig die mij betalen voor een stand. Ik heb het helemaal puur voor mijn kunstenaars gedaan; een kunstenaar moet zich profileren en dat kan eigenlijk alleen maar via mensen zoals ik. Ik kan rustig zeggen: het was de mooiste beurs van Nederland, de Tefaf in het MECC in Maastricht buiten beschouwing gelaten, want dat niveau is ook voor mij veel te hoog.” Natuurlijk werd het bedrijfsleven wel een vermakelijke openingsavond (Jonnie Boer kookte) geboden om in elk geval een groot deel van de kosten terug te verdienen. “Ik had niet veel bezoekers, zo’n 3800, maar dat waren wel mensen die van kunst houden. Zo’n zelfde beurs gaan we doen in Gent, Antwerpen en Maastricht.” Van De Lange wordt gezegd dat hij gemakkelijk scoort (door de verkoop van zeefdrukken) via Brood, Cremer, Corneille, Heyboer. Meer op naam dus dan op product. Hij wordt er kriebelig van. “Ik doe meer voor de kunst en de kunstenaars dan al die zogenaamde kenners en liefhebbers. Als ik het in iemand zie zitten, leeft hij soms maandenlang op mijn zak, als ik al mijn leningen nu zou terugkrijgen, kan ik langdurig op vakantie.”

Snelle IT-jongens

Maar de hamvraag is natuurlijk hoe De Lange kan beoordelen of een kunstenaar vernieuwend is of dat het een soort Ton Schulten is die op een avondje dertien kunstwerken in elkaar flanst. En dat er natuurlijk (anderzijds) vraag naar die kunst zal zijn. “Dat gevoel heb ik in de afgelopen twintig jaar ontwikkeld. Ik krijg zeker 10 à 15 aanbiedingen per week van kunstenaars. Vroeger nodigde ik die man of vrouw uit, want ik wil echt aandacht besteden aan de kunstenaar en het werk. Dat lukt me niet meer, tegenwoordig gaat het allemaal per mail. En als ik dan geïnteresseerd ben, ga ik naar hem of haar toe.” Van aanbod naar vraag. Daar zit De Lange tussen. Plat gezegd: hoe praat hij ‘zijn’ kunstenaars aan de muur bij zijn klanten? “Ik weet wat mensen mooi vinden. We hebben driehonderd bedrijven in Nederland met kunst ingericht, die elk jaar de kunst wordt omgewisseld. We zoeken nauwgezet naar de kunstwerken die bij een bedrijf passen.” Maar mensen willen namen aan de muur. “Tot een paar jaar geleden kwamen al die snelle IT-jongens langs. Als de één een Corneille had, moesten ze allemaal een Corneille. Het ging alleen maar om het plaatje, veel kleur en daar stond Corneille onder, maar dat is natuurlijk geen kunst kopen.”

Ziekteverzuim

“ Wij van de kunst liggen altijd onderop de stapel. Er moet vloerbedekking in een kantoor, en computers, meubels. Maar er is geen sfeer in zo’n pand. Er is een professor in Amerika, en die zal ongetwijfeld gelogen hebben, maar die heeft onderzoek gedaan waaruit blijkt dat door de kunst het ziekteverzuim met 12% terug kan lopen. Nou, laat het 3% zijn, dan is kunst nog steeds relatief goedkoop. Het gaat er namelijk om dat de mensen zich prettig voelen, dat is het hele verhaal.” Ach, als ze maar betalen… Fel: “Dat is een misvatting. Je moet de mensen goed adviseren, mijn naam hangt er weer aan. Als het als een tang op een varken slaat, slaat dat op mij terug. Kunst moet in harmonie zijn met het bedrijf of het huis.”
‘Een kunstenaar moet zich profileren en dat kan eigenlijk alleen maar via mensen zoals ik’
“Klanten die bij me komen, krijgen koffie en dan laat ik ze een halfuurtje los. Ze moeten als het ware kunnen zien, kunnen voelen wat er aan kunst is en dan moet het nog in huis passen, want wat bij mij boven de bank hangt in de showroom, dat hoeft bij jou thuis niet mooi te zijn.”

Spijker

Niet toevallig heeft De Lange een bedrijf op een saai industrieterrein in Zwolle. En een soort galerie heeft hij ingericht in de oude pastorie van de Sint Michelskerk in het centrum van Zwolle. “Een fantastisch pand, alleen draait het voor geen meter, omdat er geen ramen in zitten. Ik probeer mensen er naar toe te lokken met openingen en dergelijke en van daaruit naar mijn bedrijf aan de Marsweg te halen.” Waar hij binnenkort een tweede hal aan het bedrijf koppelt. Het succes van de vercommercialisering van de kunstuitleen is veel gemeenten niet ontgaan. De Lange krijgt regelmatig een telefoontje om een monument in te richten als kunstuitleen. “Soms mag ik er nog geen spijker in de muur slaan en vaak is er nauwelijks parkeergelegenheid aanwezig, moeten de mensen door weer en wind 200 meter met een kunstwerk onder de arm naar hun auto.” In Hardenberg gaat hij nu samen met een lijstenmaker werken. “Een goede locatie, er is weinig te doen op kunstgebied in de omtrek met een verzorgingsgebied van zo’n 57.000 mensen.” En hij is bezig (praat) in Deventer en Harderwijk.”

Bankier

IQ bezit circa 13.000 kunstwerken (van in totaal 270 kunstenaars) waarvan er zo’n 10.000 uitgeleend zijn bij 1800 klanten (1500 particulieren en 300 bedrijven) die tussen de honderd en vijfhonderd kunstwerken van IQ aan de muur hebben hangen. De Lange koopt de kunst van de kunstenaar voor een redelijk bedrag en verhuurt die. Klanten betalen twaalf euro lidmaatschapsgeld en maandelijks 3% van de waarde van de het kunstwerk die De Lange vaststelt. Het addertje onder het gras is de spaarregeling. Van de 3% spaart de klant 2% (waarvoor hij later een kunstwerk bij De Lange kan kopen). Met dat ‘gratis’ geld (hij betaalt er tenslotte geen rente over) van zijn klanten koopt De Lange nieuw werk in. “Ik bankier, dat heb je goed gezien.” Het idee stamt uit de gemeentelijke kunstuitleen. “Daar kon je voor 7 gulden een kunstwerk lenen en dan spaarde je zes gulden. Dat kan niet. Ik heb die bedragen iets opgeschroefd.” Je zal De Lange niet denigrerend horen praten over de gemeentelijke kunstuitleen. “Ja, je kunt zeggen: ze doen het, behalve in Amsterdam, niet goed. Maar dat is te simpel. De budgetten zijn totaal afgeroomd. Daarnaast was het altijd zo dat ze vernieuwend werk uit hun regio moesten aankopen. Ze konden niet even in Drente of Friesland gaan neuzen. Dan blijft er vaak heel moeilijk werk over dat bijna niemand aan de muur wil hangen.”

Escape om te sluiten