Steinmeijer bouwt aan nieuwe ‘oude’ Van Heek Ten Cate

Miljoenen verspeeld

Met Jan des Bouvrie met wie hij een tijd lang samenwerkte. Geert Steinmeijer heeft zijn nachtrust weer terug na het faillissement van Van Heek Tweka en het uitkopen van ABN-AMRO-Participaties. Geert Steinmeijer is bijna terug bij af. Hij heeft met Van Heek Ten Cate een bedrijf dat globaal vergelijkbaar is met het bedrijf dat hij al zeven jaar geleden had. Voor hem voorlopig even geen nieuwe overnames, geen ABN-AMRO-Par-ticipaties en de Raad van Commissarissen is vervangen door een stichting die toezicht houdt. Dit jaar (2005) bestaat zijn bedrijf Van Heek Ten Cate tien jaar en hij viert dat met werknemers en relaties door middel van een heel fraai boekje over kunst, textiel en po‘zie. Het boekje is gemaakt samen met wijlen Willem Wilmink. Ooit veranderde alles in goud wat Geert Steinmeijer aanraakte. De organisatiedeskundige begon tien jaar geleden voor zichzelf met de overname van L. ten Cate in Geesteren en de huishouddivisie van Koninklijke Ten Cate. Hij was succesvol, kreeg die bedrijven dankzij flinke saneringen weer aan de praat en de banken bel-den hem bijkans wekelijks met het verzoek andere bedrijven die in zwaar weer zaten te helpen. Het was vrij simpel, vertelde Steinmeijer in die jaren. Hij kwam bij bedrijven waar het management met geld smeet. Flinke saneringen, kosten fiks verlagen en zorgen dat de verkoop weer op gang kwam. Door zelf het goede voorbeeld (hij vloog zelf uitsluitend economyclass) te geven en samenwerking met designer Jan des Bouvrie werd Steinmeijer de nieuwe bedrijvendokter.

Iduna

Het ging fout met het Brabantse bedrijf Iduna dat hij samenvoegde met L. ten Cate en Tweka tot het beursgenoteerde Van Heek Tweka. Hij kreeg Iduna nauwelijks aan de praat. In overleg met de bank zou hij zelf dagelijks op het bedrijf aanwezig zijn; ’s ochtends vroeg op en ’s avonds erg laat thuis. Maar hij had het er voor over, het liep ook inderdaad beter toen er extra krediet nodig was. ‘Geen probleem, Geert’, kreeg hij te horen, ‘maar eh, we willen wel dat je je andere, eigen bedrijven financieel koppelt aan Van Heek Tweka’. “Ik ga de niet werkgelegenheid van de mensen van Van Heek Ten Cate op het spel zetten.” Steinmeijer was witheet en trok zijn handen van het bedrijf dat hij nota bene zelf van de bank aangeboden had gekregen om het te redden. Niet veel later ging het beursbedrijf (de holding en Iduna) failliet. Te koop: L. ten Cate en Twek

Slagheek

Steinmeijer liet schriftelijk aan de curatoren van Iduna (in Brabant) en L. ten Cate in Geesteren (Hijmans) weten geen interesse te hebben. “Ik had net iets te veel verhalen gehoord over faillissementsfraude. En ik wilde laten zien dat ik er helemaal buiten stond, dat ik geen enkel belang had bij het faillissement.” Maar niemand wilde L. ten Cate en Tweka kopen, waarna de curatoren ten einde raad als-nog Steinmeijer belden. “Ik heb een faire prijs voor de aandelen betaald.” Hij voegde het bedrijf toe aan Van Heek Ten Cate, zijn eigen concern. Het participatiebedrijf Slagheek (dat voor 85% van Steinmeijer is en voor 15% van de Rotterdamse investeerder Willem Cordia) had 70% van de aandelen van het bedrijf Van Heek Ten Cate. De andere 30% was in handen van ABN-AMRO-Participaties. Dé Bank en Geert Steinmeijer waren op elkaar uitgekeken en hij kocht samen met Cordia Dé Bank uit (de onderlinge verhouding in Slagheek wijzigde niet).

RvC weg

De Raad van Commissarissen, die op verzoek van de bank werd opgericht, werd vervolgens ook opgeheven. “Bij de holding is nu een aparte directeur aangesteld zodat ik niet aan mezelf rapporteer en ik heb een stichting (Stichting Administratiekantoor Slagheek) opgericht die als een Raad van Commissarissen functioneert. Een goede vriend van mij die heel goed onafhankelijk denkt en handelt zal mij op de vingers kijken en mij met raad en daad terzijde staan. Dat is genoeg.” Terug bij af, maar wel een stuk gelukkiger. Het boekjaar dat op 1 november afloopt had een omzet van 65 miljoen met 2,6 miljoen winst. “We gaan dit bedrijf nu verder uitbouwen. Voorlopig geen overnames meer, althans geen slechte bedrijven.” Hij zit onder meer in kunstgras. De eerste grote order voor een bedrijvenpark, goed voor een ton, heeft hij net voor de kerst binnengehaald. Hij koopt het van de grootste concurrent van Koninklijke Ten Cate. “Ik ben nu met Loek de Vries van KTC in gesprek, ik sluit niet uit dat wij binnenkort het kunstgras van Koninklijke Ten Cate gaan verkopen.” Het hele gedoe heeft Steinmeijer naar schatting zeker vijf miljoen euro gekost, het faillissement van Iduna, het terugkopen van zijn ‘eigen’ bedrijven L. ten Cate en Tweka en het uitkopen van ABN-AMRO-Participaties. “Maar ik heb mijn nachtrust weer terug.”

Escape om te sluiten