‘Investeren doe je op gevoel, op vertrouwen’

Originaliteit en onvervangbare waarde

Henry Holterman, terug aan het investeringsfront, maar met een paar nullen minder. “Ik zoek onvervangbare waarden zoals historische panden en kunst.” In de zomer van 2002 vertrok hij ineens als directeur bij investeringsmaatschappij Reggeborgh, het beleggingsbedrijf van de familie Wessels. Verrassend, want de twee-eenheid Dik Wessels - Henry Holterman was een gouden duo. Nadien leek in de directiekamer van Reggeborgh een draaideur gemonteerd. Holterman (49) verdween in de anonimiteit. Af en toe dook zijn naam op, bijvoorbeeld begin 2004 toen hij benoemd werd tot voorzitter van de Raad van Toezicht van het Rijksmuseum Twenthe, of toen hij het bekende restaurant Kaatje aan de Sluis in Blokzijl kocht. En nu wordt zijn naam genoemd in relatie tot de kunstbeurs Art Twente. Hoe gaat het met de golden boy van voorheen? Als rijksaccountant (RA) werkte hij bij de fiscus, hij werkte bij Eshuis Bouwmaterialen en toen hij in Rotterdam bij een Engels transportbedrijf op de loonlijst stond, ‘haalde’ Dik Wessels hem op om Reggeborgh te leiden. Wessels zocht een Twentenaar met verstand van geld, want dat had hij na de beursgang in 1990 (via de ‘reverse take-over’ van Kondor) net met bakken binnen gekregen. Het bleek van Wessels net als met Herman Hazewinkel een gouden greep. Holterman was de baas, Dik Wessels de zeef. Ze moesten allebei ‘ja’ zeggen tegen een investering anders ging het feest niet door. Reggeborgh werd dankzij het gouden duo groter dan het bouwbedrijf. Er doen nogal wat verhalen de ronde over het afscheid van Holterman, tevens schoonzoon van Dik. “Ik heb nog veel meer verhalen gehoord. Op een gegeven moment wil je wat anders. Ik was na twaalf jaar Reggeborgh moe. Twaalf jaar bij Reggeborgh was twaalf keer de marathon lopen. Nee, zo’n afscheid gaat niet van een leien dakje; daar zijn aanleidingen voor geweest, er zijn natuurlijk emoties bij betrokken, maar op een gegeven moment was het klaar.” Spanningen in de rijkste familie van Twente? “Ik heb op oudejaarsavond met mijn schoonvader zeer genoeglijk een glas wijn gedronken. Zij gaan hun eigen weg, ik ga mijn eigen weg. Zij hebben uiteindelijk gekozen voor het bouwbedrijf, en daar hebben ze prima mensen voor.”

Orbys

Holterman had een aandeel van 5% in Reggeborgh. Hij is uitgekocht, wil het bedrag niet noemen, maar het bedraagt minstens enkele tientallen miljoen euro’s want met zijn nieuwe bedrijf Orbys (Latijns voor circus) is hij weer gaan investeren. In vooral klassiek vastgoed. “In het eerste halfjaar van mijn vertrek heb ik niets gedaan, een paar boeken gelezen, dat had ik een tijd niet gedaan, en mijn kunstcollectie op orde gebracht.” De kwaliteit van Holterman was op het goede moment instappen (voor weinig kopen) en later voor veel meer geld weer uitstappen. Het bekendste voorbeeld was natuurlijk World Online. “Toen ik bij Reggeborgh begon was het betrekkelijk klein. Toen ik wegging was het een kleine multinational met vier bedrijven in Europa. Als je dan besluit voor jezelf te beginnen, dan moet je niet proberen hetzelfde kunstje nog een keer te doen, want dan gaat het meestal mis. Ik kies dus voor ander type investeringen. Ik heb een staf van vier mensen met een directeur die nu doet, wat ik vroeger bij Reggeborgh deed: het aandragen en opzoeken van de eerste contacten en ik vervul nu de zeef die Dik vroeger bij mij vervulde.” Maar waar u vroeger lachend een handtekening zette onder vijfhonderd miljoen, zit u nu te prakkiseren over vijf miljoen. “Het is net monopolie spelen, je streept een paar nullen weg, maar het spel is hetzelfde. Het gaat om de mensen met wie je zaken doet, het gevoel moet goed zijn. En dan maakt het niet uit of het gaat om 500 miljoen, vijf miljoen of vijf euro.”
‘Ik heb op oudejaarsavond met mijn schoonvader zeer genoeglijk een glas wijn gedronken; zij gaan zakelijk hun weg, ik ga mijn weg’

Historisch

Het ‘oude’ gevoel komt weer boven. “Iedereen zit op dit moment op zijn geld na alle beursperikelen van de afgelopen tijd. Ik denk dat de conjunctuur zich gewoon heeft gecorrigeerd en daarom is het nu weer de tijd om in te stappen.” Holterman koopt klassieke panden met een horecabestemming. “Ik zoek naar onvervangbare waarden. Ik was in het verleden vooral geinteresseerd in onroerend goed met huurdersrendementen. Maar op dit moment weet je niet welke huurder wel of niet rendeert over een aantal jaren. Nee, ook bij de overheid niet. Als kleine speler heb ik me gespecialiseerd in onroerend goed met een hoge restwaarde zoals historische panden, liefst op historische locaties.” Behalve Kaartje bij de Sluis in Blokzijl heeft Holterman De Gouden Leeuw in Bronkhorst (“een rijksmonument”), De Uitkijk in Hellendoorn en in Wierden de Oude Markt. Ik ben geen horecaman, ik ben een investeerder. In sommige horecazaken gaat het slecht. Anderzijds zijn goedlopende horecazaken moeilijk te verkopen, zeker inclusief het onroerend goed. Ik koop het onroerend goed, financier de zaak en zoek een opvolger.” Professionele investeerders stappen er na vijf tot zeven jaar weer uit. “Ik vind dit op zijn Twents gezegd ‘mooi spul’ en ik ben voornemens het lang te houden.” Daarnaast heeft Holterman via zijn bedrijf Orbys nog wat commercieel onroerend goed (winkels en appartementen) in Holten en Wierden. Op een aantal strategische plaatsen in Twente bezit hij landbouwgrond. Voor de volledigheid, op Barbados investeert hij in een attractiepark en ook in Engeland is hij actief.

‘ Muderhuys’

Honderden verzoeken om investeringen ko-men jaarlijks bij hem binnen. En hij doet dus waar “een goed gevoel bij heeft”, vooral bij mensen. Bij Reggeborgh werd gestructureerd gekeken naar een aantal gebieden zoals ICT en automotov. “Ik wil u niet teleurstellen, maar zoveel beleid zat er ook bij Reggeborgh niet achter. Als je je beperkt, beperk je je dus ook in ‘opportunities’. Ik participeer nu ook in twee ICT-bedrijven, Vallstein in Naarden en Trinicom in Wilp.” En dan legt hij enthousiast uit wat die bedrijven precies doen. ‘Ik vind dat Art Twente naar een groter platform getild moet worden, daarvoor ga ik tijd, geld en mijn netwerk inzetten’ Een goed gevoel heeft Holterman ook op het water, bij de duurdere boten. “De onderkant van de maatschappij heeft het heel moeilijk, de bovenkant wordt steeds rijker en die groep van mensen wordt ook groter na de verkoop van hun bedrijf of hun huis. Die mensen hebben wat te besteden.” En dus heeft Holterman een 50%-aandeel gekocht van de Ferretti-importeur, Italiaanse boten aan de top van de Europese markt. Waar ze je een armoedzaaier vinden als je slechts een miljoen euro voor een boot te besteden hebt, maar waarvan er jaarlijks in Nederland toch nog zo’n 25 stuks hun weg naar een eigenaar vinden. De Nederlandse top is het merk Prinsess, dat heeft Holterman en passant ook maar meegenomen naar de bootboulevard ‘Het Muderhuys’ dat moet verrijzen bij Dolman in Muiden (ook van Holterman), dat ligt tegenover het bekendste watersportcafé van Nederland ‘Ome Ko’, naast de koninklijke jachthaven ‘De Groene Draeck’. Voor de armlastigen onder ons, er worden op de bootboulevard ook sloepen gebouwd en verkocht. “Het is één van de weinige werven aan open water in Nederland.

Art Twente

Begin vorig jaar werd Holterman gevraagd als voorzitter van de Raad van Toezicht van het Rijksmuseum Twenthe. “De toenmalige voorzitter Bert van Leersum kwam op een ochtend bij mij en vroeg ‘is dat niets voor jou, je hebt toch niets te doen en je hebt een schilderij aan de muur hangen’. Alleen wist ik niet dat drie maanden na mijn aanstelling onder aanleiding van de Enschedese mevrouw Winnie Sorgdrager de Raad van Cultuur zou adviseren het museum te sluiten. Het lijkt wel of alle Twentenaren iets in Twente willen sluiten. Kamp met de vliegbasis en Sorgdrager met het Rijksmuseum. Het kon helemaal niet gesloten worden, want er ligt een acte van schenking van de familie Van Heek waar tegenover een verplichting ligt van de overheid om het museum in stand te houden. Ik heb overigens nooit antwoord gehad mevrouw Van der Laan, maar uit de begroting van de derde dins-dag in september bleek dat het museum continuiteit heeft. We zijn nu bezig om het museum te verjongen, te veranderen, het moet opener. Ik heb gezegd, verf geel die hal, ik zag pas dat de borden lichtgroen zijn geworden. Ja, ik ken de kritiek op directeur Cannegieter, maar dat vind ik niet terecht. Mevrouw Cannegieter is daar ooit neer gezet als bewaarster, ze heeft een kunsthistorische achtergrond. Heel anders dan bij voorbeeld de nieuwe directeur van het Rijksmuseum Amsterdam die een PR-achtergrond heeft. En vergeet niet dat een museum van deze omvang met een minimaal budget moet draaien. Maar het aantal bezoekers groeit toch en er komt een ingrijpende uitbereiding.” De organisatoren van de kunstbeurs Art Twente hebben een aantal keren vertwijfeld getracht samenwerking te zoeken met het Rijksmuseum. “Art Twente wordt nu georganiseerd door twee enthousiaste mensen en die zijn eind vorig jaar bij mij geweest voor hulp. Ik vind dat Art Twente naar een groter platform getild moet worden. Daarvoor ga ik tijd, geld en mijn netwerk inzetten.” In de gedachten van Holterman (zelf een liefhebber van de Haagse School van rond 1990 zoals Mesdag, “dat vind ik gemakkelijk te begrijpen”) zou de naam Twente moeten verdwijnen. “Je kunt er design aan kunnen toevoegen, misschien wel life-style hoewel ik dat een vreselijk woord vind. Maar in de huidige opzet is het geen lang leven meer beschoren.”

Escape om te sluiten