De onverdroten jacht van Pieter Lakeman op malverserende bedrijven

‘Kennis justitie onvoldoende’

Pieter Lakeman te gast in Memphis. “Ik beschouw mijn werk als zinvol. En verder vind ik het leuk, ik doe het met plezier.” Als frauderende ondernemer is de kans groot dat je in dit land eerder met Pieter Lakeman dan met justitie te maken krijgt. De directeur van Stichting Onderzoek Bedrijfsinformatie (Sobi) wordt na bijna dertig jaar doorspitten van jaarrekeningen gevreesd als de man die het creatief boekhouden blootlegt. Van Ahold tot Aegon, van HBG tot Heino Krause; allemaal hebben ze kennis gemaakt met ‘de luis in de pels van het Nederlandse bedrijfsleven’. “Ik neem alleen opdrachten aan van mensen die in hun recht staan.” Als particuliere crimefighter heeft hij in bijna dertig jaar tijd een reputatie opgebouwd. Hij is een soort ombudsman geworden, Peter R. de Vries in de zakenwereld. “Dat is iets overdreven, maar ik vind het niet vervelend dat ik zo gezien wordt.” Het werk heeft hem overigens financieel onafhankelijk gemaakt. Als Pieter Lakeman ergens zijn tanden in zet, laat hij niet snel los en wint hij opvallend vaak. “Ik heb twee ‘drives’. Ik beschouw mijn werk als zinvol. En verder vind ik het leuk, ik doe het met plezier.” Lakeman doet eigenlijk datgene wat justitie nalaat. “De overheid schiet op dit vlak erg tekort. De witteboordencriminaliteit wordt niet efficiënt bestreden. De kennis ontbreekt.” Zijn eigen kennis heeft hij opgedaan door te spieken bij de gewone politieman. “Wie heeft er belang bij dat bijvoorbeeld de jaarrekening niet goed wordt opgesteld? Tot voor kort stelde bijna niemand die vraag.”
‘De witteboordencriminaliteit wordt niet efficiënt bestreden. De kennis ontbreekt’

Ahold

Inmiddels staan vermaarde ondernemingen als Aegon, Ahold. HBG en KPN op de lijst met bedrijven die door Sobi ter verantwoording zijn geroepen. Lakeman beschouwt Cees van der Hoeven, tot voor kort bewierookt als een van de beste managers van ons land, een man “die bedrijven leegzuigt. Hij heeft valse jaarrekeningen opgemaakt. Hem wordt valsheid in geschrifte verweten en die klacht steun ik.” Voor de ongeveer dertig jaarrekeningprocedures heeft hij het leeuwendeel zelf aangezwengeld. “De voorbeeldfunctie vind ik belangrijk, vandaar de procedures tegen Ahold en KPN.” De tegenstand van de bedrijven is in de loop der jaren wel groter geworden. Waar hij in het verleden redelijk anoniem zijn werk kon doen, kan hij nu steevast rekenen op fors juridisch weerwerk. Jurgen Schrempff (inzake Dasa) heeft hem getracht de mond te snoeren door strafklachten tegen hem in te dienen. “Dat heeft toch wel effect. Er waren in die tijd ook journalisten die dachten die Schrempff is niet gek, die zal dat toch niet zonder reden doen. Die zaak heeft twee jaar geduurd en die heb ik gelukkig gewonnen.” Heino Krause Lakemans werk vereist vaak een lange adem. De zaak Heino Krause bijvoorbeeld dateert al vanaf 1991. In mei doet de Hoge Raad naar verwachting uitspraak in deze zaak, maar Lakeman rekent erop dat dit niet de laatste zet is. 212 boeren uit Heino en omgeving claimen ruim tien miljoen euro van de voormalige coöperatie Heino Krause en haar rechtsopvolgers. De boeren vinden dat zij door wanbeleid van de directie en fraude met EU-subsidies gedupeerd zijn. Ondernemers die knoeien is van alle tijden, maar het invoeren van opties heeft malversaties volgens Lakeman in de hand gewerkt. Jaarverslagen die een te rooskleurig beeld van een bedrijf schetsen hebben een positief effect op de koers van het aandeel, waardoor opties meer waard worden. Ook zijn bedrijven gebaat bij een zo hoog mogelijke beurskoers omdat het voor bedrijven makkelijker wordt om andere ondernemingen over te nemen, of zich te beschermen tegen een vijandige overname. “Fouten belanden niet per toeval in jaarrekeningen. Slechte bedrijven maken ook slechte jaarrekeningen. Een bedrijf dat gezonde winst maakt, hoeft het resultaat niet op te krikken.”
‘Alle accountantsfouten die ik heb gezien, waren altijd een gevolg van zwakke knieën’

Accountant

Lakeman constateert dat de kwaliteit van de jaarverslagen de laatste tien jaar achteruit is gegaan. Sobi stelde in 2002 een prijs in voor het slechtste jaarverslag. Aegon had de twijfelachtige eer. Ahold en Bührman kregen de ‘opklopprijs’. Fijntjes stelt Lakeman vast dat het Aholdjaarverslag enkele maanden later in verband met het blootleggen van het boekhoudschandaal werd ingetrokken. Lakeman heeft geen goed woord over voor deze ondernemers, maar ook niet voor de accountants die jaarrekeningen goedkeuren. Zij oefenen volgens Lakeman geen controlerende taak uit, maar dekken bewust misstanden toe. In het geval van Heino Krause bijvoorbeeld keurde de accountant jaarrekeningen goed die niet klopten. Lakeman heeft al meermalen succesvolle procedures gevoerd tegen grote accountantskantoren. “Ik heb in mijn leven nog nooit een accountant een fout zien maken uit onkunde. Alle accountantsfouten die ik heb gezien, waren altijd een gevolg van zwakke knieën. Vergeet niet dat de accountant niet alleen verdient aan het controleren van de boeken maar daarnaast een veelvoud aan advieswerk.” En aangezien de accountants worden betaald door het bedrijf dat hen inhuurt (“cipier die betaald wordt door de gevangenen”), pleit Lakeman om het systeem te veranderen. “De accountant moet worden aangewezen door bijvoorbeeld het ministerie van Financiën of door de Autoriteit Financiële Markten.”

LegioLease

Lakeman wordt vereenzelvigd met frauduleus handelen, maar niet al zijn werk betreft het boven water halen van gemanipuleer met cijfers en verslagen. Desgevraagd geeft hij in opdracht van bijvoorbeeld ondernemingsraden en directies ook adviezen over bijvoorbeeld fusies, overnames en investeringen. Zijn naam prijkt als een soort ‘goedgekeurd door de Nederlandse vereniging van huisvrouwen-certificaat’ onder de eerste folders van Legio Lease, het spaarbeleggingsproduct van Aegon waar veel onwetende amateur-beleggers voor miljoenen euro’s het schip mee in zijn gegaan. Dat is een nagel aan de doodskist voor iemand die beweert alleen te werken voor mensen die het gelijk aan hun zijde hebben. “Ik heb de eerste zeven, acht brochures beoordeeld en daar was niets mis mee. Niet alleen de brochures ook de producten waren aanvankelijk goed. Voor het beeld is dat wel belangrijk. Je moet heel duidelijk onderscheid maken tussen het oerproduct en de latere producten. Bij de eerste producten konden ze geen cent schuld overhouden.” Maar toen het de ‘verkeerde’ kant opging, hield Lakeman zich stil. “Mensen konden zien dat op latere brochures geen goedkeuring meer van mij stond,” is zijn zwakke verweer. Voor een carrière in de politiek voelt hij niets, al heeft hij met zijn boek ‘Binnen zonder kloppen’ (1999) over de Nederlandse immigratiepolitiek wel een steentje bijgedragen aan de discussie over de allochtonenproblematiek. Lakeman heeft becijferd dat de ongehinderde, en door de politiek in jaren zeventig gestimuleerde toestroom van gastarbeiders Nederland zo’n slordige 70 miljard gulden heeft gekost.

Escape om te sluiten