Grootste afvalverwerker in Nederland nog relatief onzichtbaar

De rotzooi opruimen

Adriaan Visser, de vroegere ambtenaar van de provincie Overijssel aan het hoofd van de grootste afvalverwerker van Nederland. Er bestaat een heuse anti-SITA website. De pagina is verfraaid met een afvalcontainer van het afvalverwerkende bedrijf. Geen boze klanten die actie voeren, het gaat over het Idollssterretje SITA die volgens een aantal muziekliefhebbers een stem heeft als een afvalcontainer. De grootste vuilverwerker van Nederland heeft er geen last van, zegt Adriaan Visser. Hij staat aan het hoofd van SITA Nederland, België en Duitsland, dat weer onderdeel is van SUEZ die (zo lezen we in het jaarverslag) als missie heeft ‘mensen de essentie van het leven te bieden: energie, water en een schoon milieu’. Dat laatste doet de vroegere ambtenaar van de provincie Overijssel voor ze. Visser (52) vindt het niet erg om herinnerd te worden aan zijn ambtelijke carrière. “Ik heb dertien welverdiende ABP-jaren opgebouwd. Ik heb daar geen spijt van, integendeel, ik raad eigenlijk iedereen in het bedrijfsleven aan een aantal jaren bij de overheid te gaan werken. Het bedrijfsleven doet af en toe geringschattend over de overheid en dat is niet altijd terecht. Bij de overheid krijg je een bredere kijk op zaken.” Visser erkent dat zijn vrolijke blik op de overheid ook wordt bepaald door het feit dat diezelfde overheid hem in staat stelt ‘big business’ te maken van afval. “Als diezelfde overheid morgen bepaalt dat alle afval in de Noordoostpolder moet worden gestort, dan verworden wij tot een transportbedrijf in afval.” Maar de overheid wil dat het afval in Nederland op een hoogwaardige manier wordt ingezameld en voor zover mogelijk wordt hergebruikt.

Overnames

We praten over pakweg 58 miljoen ton afval jaarlijks in Nederland. Daarbij valt die 3 miljoen ton van SITA ogenschijnlijk in het niets. “Bij die 58 miljoen ton tel je dan echt alles mee, inclusief de enorme berg baggerspecie uit de haven.” In Overijssel (met vestigingen in Enschede, Hengelo, Almelo en Deventer) heeft SITA vooral bedrijven als klant. “Wij kunnen processen bij bedrijven opzetten van preventie, scheiding van afval bij de bron waarmee wij voor die bedrijven veel geld kunnen verdienen.” In Twente wordt het huishoudelijk afval opgehaald door Twente Milieu, een dochter van Essent. Maar Visser maakt er geen geheim van Twente Milieu graag te willen inlijven. “Essent wil van Twente Milieu af en wij zijn heel geïnteresseerd, daar draai ik niet omheen. We hebben een bod gedaan.”
‘Essent wil van Twentemilieu af, wij hebben een bod gedaan’
Ook praat Visser met een aantal gemeenten (zoals Rotterdam) die zelf nog de vuilophaaldienst als kerntaak hebben. “We kunnen dat beter en goed koper en houden dat die gemeenten ook voor.” Twee jaar geleden heeft SITA bijvoorbeeld in Arnhem de afvaltaken overgenomen. “We zien ook heel veel mogelijkheden in publieke private samenwerking in gemeenten. Daar is de samenwerking met de gemeente Helmond een voorbeeld van.”

Integratieproject

Bij het grote publiek is de naam SITA vooral synoniem aan dat zangeresje. Maar ook veel bedrijven kennen SITA niet of nauwelijks. “Dat is een probleem,” erkent Visser die desalniettemin toch een lijstje weet op te duikelen waar SITA op plaats 250 staat van bedrijven met een goed imago. “En dat binnen drie jaar na oprichting.” Afval is niet direct een product waar mensen enthousiast over worden. “Daar vergis je je in. Heel veel medewerkers vinden het fantastisch om bij ons te werken. Ze blijven ook vaak tientallen jaren. Omdat wij ook laagopgeleide mensen zoeken, werken we bijvoorbeeld samen met de gemeente Amsterdam in een integratieproject.”

Reggeborgh

Visser zelf is ook gepakt door het afvalvirus, zoals hij dat zelf noemt. “Afval is een probleem en om dan mee te werken aan de verwerking daarvan is een mooie job.” Al in de jaren tachtig richtte hij Leto Recycling (in Almelo) op dankzij aandeelhouders als (toen nog) de Overijsselse Ontwikkelingsmaatschappij en Vendex. Halverwege de jaren negentig stapte hij over naar investeringsmaatschappij Reggeborgh. Geen gelukkige keuze, zegt Visser achteraf. “De relatie met de toenmalige directeur en de familie Wessels is nog steeds goed. Maar het is een andere wereld. Ik houd van het managen van ondernemingen met mensen. Bij een investeerder manage je investeringen. Misschien ben ik daarvoor wel te lief. Ik zorg goed voor mijn mensen, wil dat ze het naar hun zin hebben bij mij.”
‘Ik raad iedereen in het bedrijfsleven aan een aantal jaren bij de overheid te gaan werken’
Topman Visser van SITA: “De rendementen in het afval zijn vergelijkbaar met de aannemerij, de nettowinst is één tot procent van de omzet. Dat is te weinig.” SITA ontstond uit de fusie van BFI en Watco in juni 2001 en is onderdeel van de SITA Groep dat op haar beurt onderdeel is van SUEZ. Bij SUEZ werken circa 200.000 mensen in bijna alle landen (130) ter wereld. Het concern heeft een omzet van 45 miljard euro. De SITA Groep is goed voor zes miljard; Visser leidt de bedrijven in Nederland en België waar SITA marktleider is en in Duitsland waar SITA de vierde speler is. Samen met circa 10.000 collega’s (van wie 3000 in Nederland) zorgt Visser voor een kwart van de omzet van de SITA Groep. “De rendementen in het afval zijn vergelijkbaar met de aannemerij, de nettowinst is één tot twee procent van de omzet. En dat is te weinig om alle investeringen die we willen doen, zoals de afvalverwerker die we samen met Volker Wessels in Coevorden willen bouwen. Dan praat je toch over investeringen van vijf- tot zeshonderd miljoen. Daarom moeten we hard werken om de rentabiliteit te verhogen.”

Escape om te sluiten