Kamer van Koophandel wil Stagedag organiseren

  • Jan Medendorp die zich op een gebied bevindt Jan Medendorp
  • SAX
  • 10 april 2006

‘Docenten moeten ondernemen leren’

Onderwijs en bedrijfsleven is als een gepassioneerde relatie van twee mensen met ieder een sterke persoonlijkheid: ze kunnen soms moeilijk met elkaar leven, maar zonder elkaar zijn ze weinig waard. In deze Sax in dat kader niet toevallig een interview met Wilma van Ingen (47), directeur van de Kamer van Koophandel voor Twente en de Veluwe. Een charmante vrouw die ook kwalitatief uittorent boven het grijze-pakkencircuit om haar heen. Van Ingen studeerde vooral in de avonduren. Ze was 37 jaar toen ze haar doctoraal in de bedrijfspsychologie haalde. En ze gaat binnenkort weer in de schoolbanken voor de opleiding Professioneel Besturen. “De Kamer is bezig, op verzoek van VNO-NCW en de werknemersorganisaties, om de aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt te verbeteren.” Volgens secretaris Johan Bongers van werkgeversorganisatie VNO-NCW hebben werkgevers uiteraard behoefte aan goed opgeleid personeel en dient het onderwijs daar voor te zorgen. “En het bedrijfsleven moet dan weer zorgen dat het onderwijs gevoed wordt door het geven van stageplaatsen en leerbanen.” De onlangs aangetreden voorzitter van VNO-NCW in Overijssel, de Hardenberger bouwondernemer Jan van Dijk, gaat nog een stap verder. Want jeugdwerkloosheid vindt hij één van de allerergste misstanden in de maatschappij. Hij krijgt het woord niet eens uit zijn mond. “We moeten samen met de gemeentes, sportverenigingen, bedrijven zorgen dat alle jonge mensen instromen.” In de bouw heeft hij daar al een aantal jaren ervaring mee opgedaan.“Daar nemen de bouwbedrijven alle mensen in dienst die zijn opgeleid. Klaar.” Van Ingen vindt dat de Kamer van Koophandel in elk geval een verantwoordelijkheid heeft bij het enthousiast maken van studenten om een eigen bedrijf op te zetten. “In 2004 viel het aantal startende ondernemers in Nederland tegen.” Ze heeft het daarbij over ‘structurele aandacht’ via de ‘minor-aanpak’. “Dan leren ze echt over de financiën en de strategische issues van het ondernemerschap. Wij als Kamer hebben bevorderd dat dát er kwam.” De contacten met het Centrum voor Innovatie en Ondernemerschap van Saxion zijn volgens haar goed. Maar Van Ingen wil meer. Er komt een HBO-opleiding Ondernemerschap als proef. In Arnhem. “Ik ga met Cor Boom praten om die opleiding ook naar Enschede te krijgen.” De universiteit noemt ze prachtig. “Maar als je het over ondernemersschap hebt, kom je snel uit bij het HBO. Daar heb je als ondernemer snel contact mee.” De kritiek van veel werkgevers dat het onderwijs niet aansluit, deelt ze niet. Althans, zij krijgt nooit klachten. Wel hoort ze regelmatig dat werkgevers vacatures moeilijk kunnen invullen. Maar dat heeft niet met de aansluiting of kwaliteit te maken. Dan gaat het erom hoe je schoolverlaters bindt aan onze regio, bijvoorbeeld via een project als FastForward. Op een ander gebied is wel een slag te maken, vindt Van Ingen. “De vonk laten overslaan op studenten voor het ondernemerschap… Ik bedoel, docenten moeten weten wat er te koop is in het bedrijfsleven, ze moeten er gevoel bij hebben.” Ze zegt het zelf niet hard, maar haar afbrekende zinnen spreken boekdelen: docenten zijn geen ondernemers en kunnen dat gevoel slecht overbrengen. En daarom wordt er nu een ‘onderzoekje’ gedaan (door hetzelfde Centrum voor Innovatie en Ondernemerschap) dat moet onderbouwen om de docenten dat gevoel via een cursus wel te geven.
Er moet hier een opleiding ondernemerschap komen
Twente is klein, dus alle bobo’s komen elkaar geregeld tegen. Zo zijn er tientallen nieuwjaarsrecepties gehouden waar de inner circle elkaar steeds een handje gaf. “Dat kleine circuit heeft nadelen”, erkent Van Ingen, “maar het heeft meer voordelen. Ik hoor van collega’s elders in het land die anoniem op hogescholen komen en dat ze daar te horen krijgen waar ze zich mee bemoeien. Dat is hier minder.” En daarom gaat Van Ingen onvermoeibaar door. Waar MKB-voorman Hermans tijdens zijn nieuwsjaarrede het onderwijs verketterde dat hij (het middenen kleinbedrijf) voor 10.000 leerbanen had gezorgd, maar dat de scholen nu onvoldoende kandidaten leveren. Daar gaat het vooral over het mbo. Van Ingen haast zich te zeggen, “dat de Kamer, MKB Nederland en VNONCW met Saxion en het Twentse ROC goede contacten hebben. Dat heeft onder meer geleid tot één telefoonnummer voor bedrijven die een stagiair willen.” Feit is dat er te weinig stageplaatsen zijn, dat bedrijven vooral aandacht hebben voor de korte termijn. “Wij gaan een Dag van de Stage organiseren in 2006. Die is bedoeld om stageplekken te verwerven, maar ook om structureel beter te regelen dat er meer plaatsen komen mét goede begeleiding. Stagiaires worden soms gezien als goedkope arbeidskrachten en als ze dan alleen koffie rondbrengen leren ze weinig.” Het allerliefste organiseert Van Ingen zo’n dag voor heel Oost-Nederland. VNO-NCW laat weten een stagewijzer te hebben gemaakt en zeer tevreden te zijn over de samenwerking in het project FastForward. Van Ingen: “Het gaat mij veel meer om het matchen van de grote vraag en het beperktere aanbod en dan is zo’n stagedag het meest handig.”

Escape om te sluiten