Cor Boom wil banden met alumni aanhalen

Hogeschool is geen 'cursusfabriek'

Cor Boom heeft civiel rechten criminologie in Utrecht en Leiden gestudeerd. Hij mag zich meester en doctorandus noemen. Hij oogt ondanks zijn leeftijd (54) als een getrainde basketballer. Een open, vriendelijk gezicht. Per 1 mei van dit jaar volgde hij zijn alter ego op. Hij vormde de afgelopen zeven jaar een twee-eenheid met Albertjan Peters. Die was het gezicht naar buiten, Boom deed de zaken binnenshuis. Peters is een norse man die weet hoe de hazen lopen, veel vriendjes heeft op hoog politiek niveau in Den Haag. Peters boezemde soms zelfs angst in. Bij de buitenwereld. En intern en dat was wel zo handig als beleid doorgevoerd moest worden. Gerard van Houweninge van de Overijsselse Ontwikkelingsmaatschappij vroeg zich eerder dit jaar in dit blad hardop af of Boom wel de goede man op de goede plaats was. Kan (kortom) Boom alle breedbek-kikkers van de Saxion Hogeschool wel in de kruiwagen houden? Op deze pagina's een introductiegesprek met Boom. Een afspraak met Boom is lastig. Volgens zijn agenda werkt hij zich sinds zijn aantreden tot collegevoorzitter een slag in de rondte. Hij toont zijn koelbloedigheid tijdens een bommelding. Als hij voor de tweede keer wordt gestoord, reageert hij korzelig naar de ietwat panische collega: "Ik heb er twee mensen op gezet die weten wat ze moeten doen." Terug naar het gesprek. "Over die kikkers van Van Houweninge. Volgens mij is er tot nu toe -ik ben nu een maandje of vijf bezig- nog geen kikker uitgesprongen," zegt hij droog. "Peters en ik zijn allebei heel gedreven. We waren complementair, hij zat aan de buitenkant en ik heb tot nu toe heel erg de binnenkant gedaan, met name de onderwijsontwikkelingen. Ik kan me heel goed voorstellen dat mensen die gewerkt hebben met Albertjan het jammer vinden dat hij is vertrokken. Maar ik vind dat je vervolgens moet kijken wie de nieuwe man is. Ik heb mij nog niet kunnen profileren omdat ik gewoon domweg andere dingen gedaan heb. En wacht dan even af wat ik doe en hoe ik mij zal opstellen," sneert hij naar zijn criticasters.

Beleidslijn

De beleidslijn die ogenschijnlijk door Peters is uitgezet, wordt gecontinueerd door Boom. "Omdat ik dat beleid samen met Peters heb opgetuigd. We hadden dezelfde mening als het om de koers van de hogeschool gaat. Niemand hoeft bang te zijn dat ik ineens volstrekt anders doe of heel andere taal ga uitslaan. "U zet de lijn door van uw voorganger". "Ja, onze lijn dus." Heeft u er achteraf gezien spijt van dat u zich nauwelijks geprofileerd heeft? "Nee, want daar hadden wij heel nadrukkelijk afspraken over gemaakt. Vanaf 1 mei ben ik degene die naar buiten treedt. Ik ben nu op zoek naar twee mensen die zich met mijn vroegere takenpakket onderwijs en informatisering, zullen gaan bezighouden. En die mensen zullen nadrukkelijk het door Peters en mij uitgezette beleid moeten onderschrijven."

Moeilijk opvoedbare jongens

Boom werkt vanaf 1975 in Twente, in het onderwijs. Hij begon bij wat toen nog de Sociale Academie heette. Daarna volgde het inrichtingswerk. Hij werkte als groepsleider bij zeer moeilijk opvoedbare jongens. Hij schoof langzaam maar zeker door. Tot hij per 1 mei als collegevoorzitter werd benoemd. Dat klinkt als een loopbaan van een ambtenaar. "Ik heb altijd het werk gezocht dat ik interessant, leuk en spannend vind. En dat is meestal in een situatie waar iets aan de hand is, waar iets moet veranderen. En ik ben ook, en dat klinkt een beetje arrogant, voor banen gevraagd. Ik vermoed omdat ze dachten 'die Boom, die kan je er wel bij hebben'. Ik heb nooit aan carrièreplanning gedaan." Zijn hobby fotograferen is er de laatste jaren bij in geschoten. "Ik bezoek wel altijd jaarlijks een aantal tentoonstellingen zoals de World Press Foto." Hij heeft onlangs een nieuwe Nikon F100 aangeschaft. Digitaal is niets voor u? "Nee, de kwaliteit met zes miljoen pixels is nog niet goed genoeg. Daarmee kan je geen mooie vergroting van 30 bij 40 centimeter maken. Misschien over twee jaar." En dan loopt hij leeg over het gevecht tussen Rotterdam en Amsterdam over de vestiging van het fotografiemuseum. "Er ligt een legaat van 25 miljoen en dan dit circus. Terwijl wij in Nederland een heel rijke fototraditie hebben."

Gespreid bedje

Hij houdt zoals hij dat zelf zegt van situaties waarin zaken moeten veranderen. Dat lijkt bij zijn waarschijnlijk laatste baantje niet het geval. Is hij in een gespreid bedje beland? "Dat is voor een deel waar. We hebben een fantastisch gebouw, we hebben een heleboel dingen ontwikkeld en gedaan. Dus ik zal absoluut niet ontkennen dat ik in een gunstige situatie terecht gekomen ben. Aan de andere kant liggen er nog zoveel ambities. Ik denk dat de relatie met de UT gezien alle mondiale ontwikkelingen verder vorm gegeven moet worden." En dat kan u beter met stroop dan de azijnpisser Peters? "Ook voor Twente is het heel belangrijk dat wij intensief samenwerken. Maar wel in de sfeer van graag of niet. Wij zijn een groot instituut, wij hebben veel bereikt in de afgelopen jaren en ik sta niet met mijn pet in de hand, ik ga niet staan bedelen."

Geen cursusfabriek

De essentie van het beleid van de hogeschool is in feite de kruisbestuiving tussen het kennisinstituut en het bedrijfsleven. "Die is van levensbelang. Ik wil af van het beeld dat de hogeschool een soort studeerfabriek is. Daar ga je vier jaar naar toe en dan krijg je een diploma. En dan ga je weer weg. Wij zijn niet alleen een fabriek die vierjarige cursussen aanbiedt. De Saxion Hogeschool is een kennis- instituut met kennis en ervaring." Boom wil dat beter voor het voetlicht. "Ik wil de relatie met de alumni versterken. Vooral de mensen die pas een jaartje weg zijn. Die hebben nog een vers beeld van wat hier gebeurt. En ze hebben intussen ervaring in het bedrijfsleven opgedaan. Ik vind dat wij meer moeten doen om van die mensen te horen of wij goed werken op de hogeschool: wat kunnen we van jullie leren en waar kunnen we meer relaties leggen met dat bedrijfsleven? Wij hebben die input nodig. Ook van mensen uit het bedrijfsleven. Ja, ook om wellicht een cursus aan ze te verkopen, maar ook om onze kennis en ervaring op peil te houden."

Docentenstage

Goede contacten dus met het bedrijfsleven, in elk geval in de regio, maar dan breekt het Boom op dat hij betrekkelijk onbekend is. "Ik maak de ronde. Ik ga zo veel mogelijk bedrijven langs. Ik spreek met mensen van de banken, van de industrie. Ik ben bij voorzitter Hans de Boer van het MKB Nederland geweest om te praten over onze relatie met de ondernemingswinkel die hier bijvoorbeeld staat. Dat wil ik veel verder uitbuiten voor de inhoud en kwaliteit van ons onderwijs. Dat is zo belangrijk. Ik geef je een voorbeeld. Een aantal docenten is bij de Rabobank geweest en kwamen heel enthousiast terug. Zien de ontwikkelingen bij de bank, krijgen nieuwe ideeën voor hun lessen. En als gevolg van hun stage bellen ze gemakkelijk als ze wat willen weten. Het klinkt eenvoudig, maar het is zó belangrijk." De hogeschool lijkt soms door te slaan in de wens om innig contact met het bedrijfsleven. Zo is Randstad een partner. Maar regiodirecteur Jan van der Meulen bromde onlangs in het personeelsblad Spreek'Buis van de hogeschool dat hij zich absoluut niet als partner behandeld voelt door de hogeschool. Omdat de hogeschool zichzelf soms voorbij loopt en met teveel dingen tegelijkertijd bezig is, én nieuwe contacten aangaat en daarbij bestaande relaties over het hoofd ziet. Boom werpt de kritiek verre van zich. "Ik heb het verhaal gelezen en met Van der Meulen over gesproken. Wij werken samen in het project HBO-Jobservice. Daarnaast zijn wij bezig met het project Fast Forward voor heel talentvolle studenten. Hij vindt dat hij daar ook bij betrokken had moeten worden. Nou, wij hebben Randstad gevraagd of ze interesse hadden en dat hadden ze niet. Dat is vooral een intern probleem bij Randstad. Van der Meulen had ook adviezen over contracten. Daar luister ik graag naar, daar kan de hogeschool van leren."

Escape om te sluiten