Kerkstraat Centrum Goor ademt landelijke allure

Ze woonden vroeger tegenover elkaar in de Kerkstraat in Goor. Bert Eeftink en Paul Schabbink. Twee talentvolle jongens. Ze zijn bekend in Goor dankzij hun oudejaarsconferences (vijf avonden achtereen een uitverkochte Reggehof was geen uitzondering) waarbij het tweetal (aangevuld met Rob Vorkink) de plaatselijke middenstand en bekende dorpelingen op de hak nam. Dat was ontegenzeggelijk van een veel hoger niveau dan de meeste cabaretjes tussen de schuifdeuren, maar zal buiten Goor niet aanslaan, hoewel dialect tegenwoordig garant lijkt te staan voor succes. Jarenlang was dialect een uiting van ongeletterdheid, tegenwoordig is het in, zoals oppervlakkigheid op radio en televisie en in de krant blijkbaar mode is. Dat bleek afgelopen vrijdag tijdens een eenmalig optreden in zijn huistheater De Reggehof. Kerkstraat Centrum bestaat dus uit Eeftink en Schabbink die voor deze gelegenheid een bezetting wisten te formeren met misschien wel de beste gitarist van Nederland Raymond Nijenhuis, bassist Pascal Haverkate, drummer Rob Eeftink (geen familie) en Edwin van Hoevelaak (toetsenist). Een schot in de roos. De kwaliteit van Nijenhuis en Van Hoevelaak (die beiden met topartiesten hebben gewerkt en in volle stadions hebben gestaan) is dat ze klein kunnen spelen. Waar Van Hoevelaak bij het oppervlakkige publiek slechts bekend zal zijn als side-kick in de Regiotap, blijkt die man verschillende instrumenten te kunnen bespelen en over een prachtige zangstem te beschikken (en eigenaar van een grote studio). Kerkstraat Centrum is in deze bezetting en met deze luisterliedjes in de kleinere theaters in het land een welkome aanvulling op het programma. Eeftink heeft humoristische liedjes gemaakt (van string, string kloteding tot sate hawai die elke bistro wel op het menu heeft, met de fantastische zin: “De muur viel, Mandela kwam vrij, mensen lipen op de maan, maar de sate hawai blijft”) tot het zeer gevoelige Ongrijpbaar mooi (meisje uit de stad, altijd alleen). Eeftink (inmiddels 38, tweede huwelijk) is blijkbaar nogal bezig met ouder worden en sterfelijkheid. Dat bewijzen Hoge bergen, diepe dalen en De gieren en de kraaien over het verdelen van de erfenis terwijl oma nog leeft. Ook heel mooi en herkenbaar is het nummer over de mooiste dag uit het leven van zijn zusje. Jammer dat het slechts eenmalig vierhonderd mensen het hebben gezien. Elders in de stad werd een piratenfestival gehouden waar achthonderd man meelalde. De teksten zijn van hoog niveau, de muziek is prachtig, de muzikanten perfect. Maak een cd, stuur die naar alle theaterdirecteuren en laat je zien in Amsterdam. Alleen aan het geneuzel tussendoor moet flink geschaafd worden.

Escape om te sluiten