FC Zwolle

FC Zwolle vierde onlangs het honderdjarig bestaan zonder de kampioenstrainers Fritz Korbach en Paul Krabbe. Toch slordig, maar er was wel een mechanisme zichtbaar: ook toppers als Piet Schrijvers en Cees van Kooten waren niet uitgenodigd. Ik hoorde de administrateur van FC Zwolle op de radio zeggen dat de club niet van alle oud-spelers het adres heeft. Sorry, maar helaas. Ik heb overigens niet vernomen dat er ook (oud-) bestuursleden over het hoofd waren gezien… Een actuele adreslijst opstellen lijkt mij een mooi klusje voor een stagiair. Dat wil je toch een beetje voor elkaar hebben als club. Bovendien, het periodekampioenschap dit seizoen was misschien niet helemaal verwacht, maar het honderdjarig bestaan zie je toch wel een tijdje aankomen… Het bestuur, met onder anderen voorzitter annex vuilnisman Adriaan Visser, is gescout door de man zonder wie de club, maar waarschijnlijk ook de hele stad, al helemaal niet meer had bestaan: Gaston Sporre. Hij zei herhaaldelijk nee tegen de landelijke politiek, zo meldt hij te pas en te onpas, en maakte net iets te weinig vrienden in Zeist om keizer Henk Kesler van de voor hem gereserveerde troon te stoten. Kesler en Sporre meden elkaar vervolgens jarenlang als de spreekwoordelijke pest, maar op sommige bijeenkomsten was een ontmoeting onvermijdelijk. Het was dan zaak om bij het onderonsje in de buurt te staan, om niets te missen van de klimaatverandering in de zaal: hete Zwolse bitterballen bevroren spontaan. Het bestuur zal tijdens een officiële vergadering, zo vermoed ik, een heuse feestcommissie geïnstalleerd hebben, wat geld beschikbaar hebben gesteld voor bier en natuurlijk zorg hebben gedragen voor (daar zijn ze weer) bitterballen, buffetje en blaaskapel. Ik stel me voor hoe zo’n vergadering aan tafel is gegaan: ‘Wie nodigen we uit… Pff, vaste gasten, bestuursleden, sponsors natuurlijk, de huidige trainer, hoe heet die man ook alweer? Nee niet Everse – vervelende vent. John Rep? Rinus Israel? Wat hebben die met FC Zwolle dan? Laten we vooral de politiek uitnodigen…’ Ik weet bijna zeker dat de huidige bestuursleden niet eens weten welke trainers de club voorheen in dienst heeft gehad. ‘Fritz Korbach? Nooit van gehoord, moeten we ballenjongens dan ook uitnodigen?’ De landelijke bekendheid van ex-oefenmeester Paul Krabbe laat wellicht te wensen over. Hoewel hij wereldwijd waarschijnlijk een van de heel weinige trainers zal zijn (geweest) die nota bene na een kampioenschap, met het ticket voor de Eredivisie als beloning, de laan is uitgestuurd. Maar ook Fritz Korbach heeft dus geen uitnodiging ontvangen. Geen adres? Lulkoek! En als ze bang waren met Korbach een notoire alcoholist binnen te halen die het feestje zou verstoren, geven ze helemaal blijk van hun onkunde. Fritz Korbach is op 18 juli van dit jaar 65 jaar geworden. Hij krijgt AOW, maar zou niets liever willen dan weer op het voetbalveld staan.
Fritz Korbach? Nooit van gehoord, moeten we ballenjongens dan ook uitnodigen?
Ik was in de veronderstelling dat we vorig jaar afscheid van hem hadden genomen. Een paar maanden terug was hij in de kantine van een voetbalclub in het oosten des lands, als middelpunt van de grote Fritz Korbach Kennis-quiz. Die hijzelf ternauwernood verloor… Een van de stoute doch intrigerende vragen: deelde Fritz met meer of minder dan honderd vrouwen het bed? Het antwoord is onlangs veranderd: de teller staat nu op 101… En daar blijft hij op staan! Ik ben gek op Fritz. Echt. Maar de laatste jaren zoop hij zichzelf langzaam maar zeker dood. Er kwam nauwelijks een verstandig woord meer uit. En dat was vroeger al lastig… En hij wilde vooral geen hulp omdat hij simpelweg ontkende dat hij een probleem had. ‘Ik weet ook niet waar al die verhalen vandaan komen’, zei hij dan, tegen beter weten in. Ik weet het wél. ’Je moet mij niet feliciteren, je moet Sparta feliciteren’, zei Korbach in januari 1993. Een paar dagen later was hij opnieuw ‘omgevallen’. Alweer. Anno 2010 heeft hij zelfs visitekaartjes laten maken waarop trots Trainer Coach Betaald Voetbal prijkt. Niet dat ik geloof dat hij nog aan de bak komt, maar Fritz Korbach leeft weer. Hij liet zich vergezellen door een mooie, verstandige charmante en elegante dame. Ik weet niet of hij de beste trainer van de wereld is, maar hij is in elk geval de leukste, de eerlijkste. En Fritz is terug. Hij zweert dat hij het zuipen heeft afgezworen – heeft hij zijn huidige vriendin beloofd. Eén keer trof ze hem aan met een fles onder handbereik, ze stond al met haar jasin de gang, Korbach die echt van haar houdt, huilend op zijn knieën om haar tegen te houden. Ze bleef, maar heeft hem verzekerd een volgende keer niet met haar hand over haar hart te strijken. Hij woont in een nette, sobere niet al te grote jarenzeventigflat met zijn grote televisie niet eens echt opvallend in de buurt in Leeuwarden. Hij bezoekt de sportschool een paar keer per week en gaat af en toe naar een wedstrijd. In deze staat is Fritz werkelijk de supergozer die hij is. Waarom FC Zwolle hem dan toch negeerde? Misschien heeft het wel te maken met een klassieke anekdote, in de bestuurskamer na een competitiewedstrijd tussen FC Zwolle en Ajax. Fritz, op dat moment een succestrainer en serieus in beeld als nieuwe technische man bij De Godenzonen, vond de sfeer wat inzakken. Om de sleur te doorbreken, nam hij het woord: ‘Heren, niet om het een of ander, maar hoe laat begint hier eigenlijk het neuken?’

Escape om te sluiten